Voor de coronaperiode waren er binnen APG geen afspraken over hybride werken. Nu zijn er organisatierichtlijnen, zonder harde verplichtingen, zodat medewerkers voldoende vrijheid behouden.
Minimaal twee dagen op kantoor
Uitgangspunt is dat medewerkers minimaal twee dagen per week op kantoor werken. Teams bepalen zelf welke dagen dat zijn, zodat de afspraken passen bij hun werk en samenstelling. Afwijkingen zijn mogelijk, zolang dit in overleg gebeurt. De richtlijnen zijn opgenomen in de cao en worden op teamniveau gemonitord.
Aangepaste werkplekken
Met de verschuiving naar hybride werken, werd het kantoorconcept bij APG ook aangepast. In plaats van het traditionele kantoorconcept met grote, open ruimten, biedt het kantoor nu flexibele werkplekken, kleine vergaderruimtes en stiltezones. Medewerkers kunnen vergaderruimtes online reserveren.
Leidinggevenden spelen een belangrijke rol in het behouden van teamgevoel en betrokkenheid, en worden hierin actief ondersteund.
Uitdagingen di-do-drukte
Een terugkerende uitdaging is de drukte op bepaalde dagen, zoals dinsdag en donderdag. APG probeert dit te spreiden, bijvoorbeeld door bijeenkomsten op andere dagen te plannen. Ook onboarding vraagt extra aandacht: nieuwe medewerkers starten altijd fysiek op kantoor om snel aansluiting te vinden.
APG ziet hybride werken als een blijvende werkvorm die flexibiliteit biedt, maar blijft waken voor voldoende onderling contact. Daarom blijft de norm van twee kantoordagen belangrijk voor verbinding en een gezonde werkcultuur.
Dit artikel is een samenvatting van het artikel dat is verschenen op pw.nl








